HULP BIJ DUURZAAMHEIDSBELEID

Steeds meer collecties van archieven, bibliotheken, media, musea en kennisinstellingen komen digitaal en online beschikbaar. Deze ontwikkeling brengt het risico van informatieverlies met zich mee. Zonder maatregelen gaan waardevolle digitale collecties verloren.

Maatregelen om verlies van informatie te voorkomen zijn vaak technisch van aard, maar zijn gebaseerd op beleid. Het opstellen van een helder duurzaamheidsbeleid maakt het behoud van, en lange termijn toegang tot, digitale erfgoedcollecties mogelijk. De Wegwijzer Duurzaamheidsbeleid helpt erfgoedinstellingen bij het opstellen van dit beleid.

De wegwijzer beschrijft de tien aandachtsgebieden van een duurzaamheidsbeleid. Ieder aandachtsgebied kent vervolgens weer een aantal concrete uitwerkingen. Op deze manier kun je als erfgoedinstelling je beleid stap-voor-stap opbouwen op een wijze die past bij de inrichting van je eigen organisatie en de digitale informatie die je beheert. De Wegwijzer Duurzaamheidsbeleid schrijft daarbij geen vaste volgorde voor. Iedere instelling kan zijn eigen selectie maken en telkens terugkeren naar de wegwijzer voor handvatten of aanvullende aandachtsgebieden. 

AAN DE SLAG MET DE WEGWIJZER

Een duurzaamheidsbeleid bestaat uit drie samenhangende niveaus die op elkaar afgestemd moeten zijn:

  • Het formuleren van een visie op digitale duurzaamheid;
  • Het definiëren van de aandachtsgebieden die vorm geven aan die visie;
  • Het verder uitwerken van de aandachtsgebieden.

Bij het menu-item 'aandachtsgebieden' kun je direct aan de slag met de tien aandachtsgebieden en hun uitwerkingen.  Wil je eerst bepalen waar jouw organisatie behoefte aan heeft en een visie formuleren op digitale duurzaamheid? Start dan bij het menu-item 'voorbereiding'.  Bij het menu-item 'over de wegwijzer' lees je meer over het doel en gebruik van de wegwijzer. 

 

Deze wegwijzer is ontwikkeld binnen het Netwerk Digitaal Erfgoed (NDE) en wordt beheerd bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). Vragen kun je mailen naar Mara Kamerling.